ontwerp & realisatie >> edening

groene gezichten

Groen gezicht: Esther Frankort

Esther Frankort

ik ben het meest gelukkig wanneer ik de natuurlijke geuren kan opsnuiven van mest en grassen, dan voel ik me één met de natuur

Vandaag laat ik de stad achter me en ruil deze in voor het mooie heuvelland. Ik heb een gesprek met Esther Frankort in de schaapsstal van Sjoen Graas in Sint-Geertruid. Ik weet dat Esther al meerdere jaren herderin is. Ik heb haar namelijk al vaker van een afstandje bekeken wanneer ze de schapen liet begrazen in en om Maastricht. Ik heb een romantisch beeld bij het werk dat ze doet. Ik ben nieuwsgierig of mijn beeld klopt.

Ik betreed het erf van Biologisch melkveebedrijf Rene Keulen. Vroeger hield dit bedrijf naast koeien ook geiten. Om bedrijfseconomische redenen hebben ze geheel afstand gedaan van deze leuke beestjes en hebben ze de focus op koeien gelegd. Hierdoor is er ruimte voor een andere invulling gekomen en zodoende staan de schapen van Sjoen Graas in de stallen. Wanneer ik de ruimte betreed, zie ik dat er hard gewerkt wordt. Iedereen groet me vriendelijk, maar gaat ook weer verder met zijn taak. Esther stelt zich even voor en maakt haar excuses dat er nog even geen ruimte is voor een interview. Dat maakt niet uit, Ingrid Reinhoud springt namelijk in de bres en geeft me een persoonlijke rondleiding. Wat leuk om Ingrid hier te zien. Ik wist niet dat ze hier ook al vrijwilligerswerk deed. Het is leuk om tijdens de rondleiding Esther en haar collega’s aan het werk te zien. Ze werkt geconcentreerd en je kan goed zien dat ze dit werk goed onder de knie heeft. Af en toe zie ik haar praten met de schapen. Dat doet ze op een hele vertederende manier. Het is een mooi moment om hier aanwezig te zijn. Zo zie ik voor het eerst in mijn leven op twee meter afstand lammetjes geboren worden. Peter van der Heijden, de eigenaar van Sjoen Graas, zie ik ook flink zwoegen. Tijdens het knippen van de hoeven van de schapen en het plaatsen van de oormerken vertelt hij wat hij aan het doen is. Ik mag overal bij en kan dus alle werkzaamheden van heel dichtbij bekijken. Onderling wordt er veel overlegd en afgestemd, zodat iedereen weet waar die aan toe is. Nog voordat het donker wordt, besluiten de herders een trailer met schapen en hun lammetjes naar de wei te brengen. Dit zijn de schapen waar de hoeven van zijn geknipt en de lammetjes voorzien zijn van twee oormerken. Een oormerk is nog zoals vanouds, het andere werkt elektronisch. Dat betekent dan ook dat de lammetjes worden gescand en digitaal verwerkt worden. Het werk dat ze verrichten is nog heel fysiek en ambachtelijk. Het enige dat modern is, zijn de elektronische oormerken en de auto’s met trailers.

De trailer is gevuld met de dieren, dus Esther en ik kunnen de schaapskooi verlaten. Ik spring mee in haar auto, waarbij we worden opgewacht door haar twee honden. Ze zijn lief en laten het toe dat ik hun plek inneem. Tijdens de rit krijg ik eindelijk de kans om met Esther te praten. Ze vertelt alles met een brede glimlach en haar ogen stralen, de passie voor het vak en de dieren spat ervan af. De honden liggen inmiddels op mijn schoot en houden me heerlijk warm. Ik aai ze over hun vacht. Esther vertelt dat ze theatervormgeving heeft gestudeerd en dat ze ook werkzaam is geweest in de cultuursector. Dit vond ze heel fijn werk, maar het was een onzeker bestaan met al die bezuinigingen. Ze heeft daarna nog als barista gewerkt, maar het horecaleven is niet aan haar besteed. Eigenlijk was ze op zoek naar zingeving en spiritualiteit, zowel privé als binnen haar werk. Met het werk dat ze nu doet, is dit zoeken naar de achtergrond verdwenen. Er is rust voor in de plaats gekomen.

Het was de beste stap die ze kon zetten ruim drie jaar geleden. Bij het zien van een kudde grazende schapen dacht Esther: hoe fijn zou het zou zijn om met deze schapen te mogen werken. Ze wist dat ze zich het meest gelukkig voelde wanneer ze natuurlijke geuren kon opsnuiven van mest en grassen. Ze besloot in actie te komen. Ze nam contact op met Peter, die haar de kans bood om een half jaar stage te lopen. “Tijdens deze stage voelde het als thuiskomen. Het is heerlijk werk”, zegt ze. “Ik werk veel alleen en ben dan één met de natuur. De natuur brengt me mooie inzichten en vaak weet ik de dingen intuïtief, zonder dat ik erbij hoef na te denken. Ik denk dat dit komt, omdat ik ook letterlijk met mijn voeten in de modder sta. Je bent binnen dit werk geheel afhankelijk van het seizoen. Je hebt eigenlijk niet veel in te brengen. Je moet je gewoon voegen naar de dingen die gebeuren, naar de omstandigheden die zich voordoen. Als je je hiertegen verzet, is het een superzware baan. Ga je mee in de flow, dan is het eigenlijk heel eenvoudig.” Dat is eigenlijk best spiritueel naar mijn mening. Esther geeft aan dat haar werk en privé nu vlekkeloos in elkaar overvloeien. Alles is eigenlijk een mooi geheel geworden. Ik snap nu goed waarom Esther al drie jaar werkzaam is binnen dit bedrijf. Ze heeft gevonden waar ze het meest gelukkig mee is. Dat zie je, ze straalt dit enorm uit. Het is donker. De schapen zijn naar de wei gebracht. We staan inmiddels weer op het erf in Sint-Geertruid. Het is koud en gezellig, maar we besluiten toch ons gesprek af te ronden. Mijn beeld bij dit vak is nu toch anders geworden. Het is heel hard werken, maar dat romantische beeld dat ik steeds kreeg bij het zien van Esther met haar schapen, kwam wellicht door de energie die ze uitstraalde. En dat is voelbaar op afstand.

Collage Esther Frankort

Voor meer informatie over Sjoen Graas: www.sjoengraas.nl

Door: Frederique Pronk